De neogotische Sint-Brixiuskerk van Marke is een van de laatste realisaties naar ontwerp
van Jean-Baptist Bethune, die naast het linker zijaltaar zijn koperen gedenkplaat heeft.
Het is de derde kerk nagenoeg op dezelfde plaats.
Het eerste vermoedelijk Romaans kerkje (21m) werd reeds vermeld in 1243 en stond op het foncier
van het Goed Blommegem. De tweede classicistische kerk werd gebouwd in 1756-57
en werd in 1899 afgebroken.
Jean-Baptist Bethune (1821-1894) had het kasteel te Marke geërfd van zijn vader Felix
en bleef nog 14 jaar op dit kasteel als Markenaar wonen tot aan zijn dood.
In 1892 ontving hij de tekenopdracht voor de nieuwe kerk.
Net voor zijn dood was hij er mee klaar en de Kortrijkse architect Jules Carette (1866-1927)
nam de uitwerking over; hij heeft het te grootse kerkontwerp van Bethune tot aanvaardbare
proporties teruggebracht.
Het werd de huidige Sint-Brixiuskerk gebouwd van 1900-19001.
Vanaf 12 augustus 1900 tot 13 maart 1902,
tussen de afbraak en de voorlopige inzegening van de nieuwbouw,
gebruikte men een barak als noodkerk, opgetrokken in de Kloosterstraat.
De kerk heeft in bovenaanzicht, van op de daken, een mooie kruisvorm.
Er is een driebeukig schip van het basilicale type,
met centraal op een vierzijdige basis een tot acht zijden verklimmende vieringtoren,
met er op een achtzijdige spits waarin vier torenuurwerken steken.
Er is een kruisbeuk en een veelzijdig koor met een aanpalende sacristie, die later werd uitgebreid.
Het koor en het middenschip staan onder een ogivaal houten spits tongewelf.
De zijbeuken hebben een half tongewelf, aanleunend tegen de middenbeuk.
We zien de mooie houten ankerbalken.
De mooie kerkproporties zijn duidelijk geïnspireerd op de vroeggotiek van het Scheldegebied,
met als herkenbare elementen: o.m. de scheldestenen,
arduinen zuilen met knopkapitelen, lancetvensters, drielichten en houten spitstongewelf.
Het schip telt vijf traveeën. De doopkapel werd later (1912) aangebouwd en springt uit in de voorgevel.
Ook de twee zijdeuren waren niet voorzien en werden slechts in 1965-66 aangebracht
om veiligheidsredenen.
Het interieur is vrij goed bewaard alhoewel door opeenvolgend binnenschilderwerk
de oorspronkelijke decoratieve polychromie vooral van het koor werd overschilderd.
Rond de kerk was vroeger een kerkhof dat in 1956 verplaatst werd naar de Spinnersstraat.
Het kerkmeubilair en de liturgische voorwerpen werden nieuw gemaakt,
alles passend in de neogotische kerkstijl.
Alleen het reliëf van de H.Familie kwam uit de tweede kerk over omwille van zijn gotische kenmerken.
Aldus werd de doopvont ontworpen in 1910 door beeldhouwer Joseph Lelan-Declerck uit Kortrijk.
De Kruisweg is van Alouis Debeule uit Gent en is in witsteen gebeiteld.
De biechtstoelen zijn neogotisch: twee zijn van 1910 en gemaakt door Joseph Lelan-Declerck
en twee andere dateren van 1935, gemaakt door Michel Maes; de triptiek van het H.Hart,
die afkomstig is van de Benedictijnenabdij van Maredsous,
is een ontwerp van J.B. Bethune en gemaakt bij Bressers-Blancaert (Sint-Denijs-Westrem).
De communiebank is van de Kortrijkse meubelmaker Jules Boute;
Twee lampions (1865) gedragen rond het sacramentsbaldakijn, vormden een stel van vier;
De koperen arendlezenaar is een merkwaardig stuk getekend door J.B.Bethune (1901)
naar gelijkaardige realisaties.
De luchters zijn van het huis Bourdon-Debruyne uit Gent.
Het prachtig calvariekruis (triomfkruis in de viering),
waar recent twee verdwenen kandelaars werden aan toegevoegd, is een ontwerp van J.B.Bethune.
KADOC-Leuven beschikt over een fotoreeks van het oorspronkelijke gepolychromeerde koor
met apostelen gerealiseerd door Bressers (Gent).
Het koorgewelf is nu nog beschilderd met de geseltuigen van Christus.
De brandramen (o.a. van het huis Casier 1907, en herstellingen D. Coppejans)
zijn heel mooi en stellen in de beuken een aantal heiligen voor,
gekozen naar enkele Bethune-voornamen.
De familie Bethune heeft immers in deze kerk sterk geïnvesteerd en ook de Obiits verwijzen,
op enkele recente na, naar Bethune-familieleden die weldoeners waren van de kerk.
In het koor behandelen de ramen passages uit het leven van Christus.
Merkwaardig is het hoofdaltaar met mooi retabel, en ook de twee zijaltaren,
respectievelijk van O.-L.-Vrouw (met Bethuneschild op de zijkant) en van Brixius.
De beelden zijn neogotisch en meestal gemaakt in het atelier Bressers-Blanchaert (Sint-Denijs-Westrem):
zo het Sint-Jozefbeeld, het O..-L.-Vrouwebeeld met kind op maansikkel,
het Agathabeeld, Brixiusbeeld, Antonius van Padua etc.. Ook de preekstoel,
getekend door J.B. Bethune, en voorstellend de vier evangelisten, werd uitgevoerd door Blanchaert.
Van ouds wordt hier de H.Drogo vereerd.
De devotie tot die volksheilige (oorspronkelijk een trio met Drogo, Brixius en Agatha)
wordt thans weer aangewakkerd.
De grafstenen werden uit de kerk verwijderd en enkele samengebracht in de sacristiegang of
overgebracht op het kerkhof.
Enkele grote kerkfiguren uit Marke zijn : E.H. Leopold Slosse (Rond Kortrijk),
E.H. Socquet (sociaal geëngageerd), Mgr. Emilie Callewaert pionier van Afrika,
Mgr. Willy Brasseur scheutist-missionaris in de Filippijnen, Roger Vandersteene bij de Krie-indianen.
Bij een wandeling in de kerkomtrek zien we: de ronde torentrap,
de kerktoren (met klokken Brixius, Agatha en Drogo),
de familiekelder de Bethune, het nieuwe de Bethunegraf
naar hier overgebracht van het Magdalenakerkhof in Kortrijk,
het graf van Mgr. Callewaert en dit bedoeld voor de parochiepriesters.
Twee brochures zijn te koop op de pastorie:
-Sint-Brixiuskerk van Marke, Kerk van de maand oktober 1999, 56 blz. door Willy Detailleur.
-De Heilige Drogo, april 2002, 8 blz. door Willy Detailleur